maandag 18 december 2017

Lectio divina lingua latina Liturgia Horarum Die 18 decembris Ad Officium lectionis

Lectio altera
Ex Epístola ad Diognétum
(Cap. 8, 5 — 9, 5: Funk 1, 325-327)
Tweede lezing
Uit de Brief aan Diognetus (ca 190)

God heeft zijn liefde geopenbaard door de Zoon

Niemand van de mensen heeft God gezien noch gekend, maar Hij heeft zichzelf geopenbaard. Hij openbaarde zich echter door het geloof. Alleen daaraan is het gegeven God te zien. Immers, God de Heer en Schepper van het al, die alles gemaakt heeft en ordelijk heeft onderscheiden, beminde niet alleen de mensen, maar was ook geduldig. Hij was altijd zo en is en zal zo zijn: welwillend en goed, vrij van toorn en waarachtig, en de enige goede. Toen Hij dan een groots en onuitsprekelijk plan opvatte, deelde Hij het alleen mee aan zijn Zoon.
Zolang Hij dit nu in het geheim verborgen hield en bewaarde, scheen het alsof Hij zich van de mensen niets aantrok en geen zorg voor hen droeg. Maar nadat Hij door zijn beminde Zoon onthuld en geopenbaard had wat van den beginne was voorbereid, heeft Hij ons alles tegelijk geschonken. Hij schonk ons namelijk én deel te hebben aan zijn weldaden én te zien en te begrijpen, wat niemand van ons ooit had kunnen verwachten.

Nadat Hij dan alles bij zichzelf met zijn Zoon beschikt had, liet Hij toe dat wij tot aan de vastgestelde tijd door ongeregelde driften gedreven werden, zoals wij zelf wilden, en door genietingen en begeerten ons lieten afbrengen van de rechte weg. Niet alsof Hij zich ook maar enigszins verheugde over onze zonden - Hij verdroeg ze - en ook niet alsof Hij die tijd van ongerechtigheid goedkeurde. Hij bereidde echter de tegenwoordige tijd van de gerechtigheid voor, opdat wij, die in de vroegere tijd op grond van onze werken het leven onwaardig waren, het nu door Gods goedheid waardig bevonden zouden worden. Bovendien wilde Hij dat wij, na getoond te hebben dat wij uit onszelf onmogelijk het rijk Gods konden binnengaan, door Gods macht daartoe wel in staat zouden zijn.

Toen echter onze ongerechtigheid volkomen was geworden, en volledig geopenbaard was dat tot haar vergelding straf en dood dreigde, en de tijd was gekomen, die God tevoren had vastgesteld, om voortaan zijn goedheid en macht te openbaren (o onmetelijke menslievendheid en liefde van God!), toen haatte Hij ons niet, en ook verstootte Hij ons niet of bleef Hij ons het kwaad nadragen. Hij was echter geduldig, Hij verdroeg ons, in zijn barmhartigheid nam Hij onze zonden op zich. Zelf gaf Hij zijn eigen Zoon tot losprijs voor ons, de Heilige voor de bozen, de Onschuldige voor de schuldigen, de Gerechte voor de ongerechten, de Onvergankelijke voor de vergankelijken, de Onsterfelijke voor de sterfelijken. Wat anders toch kon onze zonden verbergen tenzij zijn gerechtigheid? In wie anders konden wij, bozen en goddelozen, gerechtvaardigd worden dan alleen in de Zoon van God? O zoete verandering, o onnaspeurbare instelling, o onvermoede weldaden. Dat de ongerechtigheid van velen zou schuilgaan in de éne Gerechte en de gerechtigheid van Eén vele ongerechten zou rechtvaardigen. 

zondag 17 december 2017

Prefatie 2 Advent - Laat Hij ons waakzaam, biddend vinden




Mabuse, Christus met de H.Maagd Maria en Sint Jan de Doper
Olieverf op paper, 122cm x 133 cm, Prado, Madrid

Heilige Vader, machtige eeuwige God,
om recht te doen aan uw heerlijkheid,
om heil en genezing te vinden
zullen wij U danken,
altijd en overal door Christus onze Heer.

Profeten hebben Hem geschouwd, en Hem voorzegd;
een vrouw, die Maagd en Moeder was, heeft Hem gedragen;
 Johannes heeft verkondigd dat Hij komen zou,
 en Hem herkend en aangewezen toen Hij eenmaal was gekomen.
Hij zelf ontsteekt in ons de vreugde en de kracht
om toe te leven naar de dag van zijn geboorte.
Laat Hij ons vinden, waakzaam, biddend, vol van dat geheim,
zingend van alle grote dingen die Hij heeft gedaan.
Daarom, met alle Engelen, Machten en Krachten,
met allen die staan voor uw troon,
loven en aanbidden wij U
en zingen U toe vol vreugde:

Heilig, Heilig, Heilig, de Heer,
de God der hemelse Machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in den hoge.
Gezegend Hij, die komt in de Naam des Heren.
Hosanna in den hoge.

zaterdag 16 december 2017

Lezingen H. Mis derde zondag van de advent, jaar B

Eerste lezing (Jes. 61,1-2a.10-11)
Uit de Profeet Jesaja.
De geest van de Heer God rust op Mij;
Hij heeft Mij gezalfd
om aan de armen de blijde boodschap te brengen.
Hij heeft Mij gezonden
om te genezen allen wier hart gebroken is,
om de gevangenen vrijlating te melden,
aan wie opgesloten zijn vrijheid;
om aan te kondigen het genadejaar van de Heer.
Ik wil jubelen en juichen in de Heer.
Mijn ziel wil zich verheugen in mijn God,
want Hij heeft Mij bekleed met het kleed des heils
en Mij de mantel der gerechtigheid omgehangen,
als een bruidegom, die zich het hoofd feestelijk omhult
of als een bruid, die zich met haar sieraden tooit.
Want zoals de aarde haar vruchten voortbrengt
en zoals een tuin het zaad laat rijpen,
zo laat de Heer de gerechtigheid ontluiken
en zijn glorie voor het oog der volken.

Tweede lezing (1 Tess. 5,16-24)
Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan de christenen van Tessalonica.
Broeders en zusters,
weest altijd blij.
Bidt zonder ophouden.
Dankt God voor alles.
Dit is wat God van u verlangt in Christus Jezus.
Blust de Geest niet uit:
kleineert de profetische gaven niet,
keurt alles, behoudt het goede.
Houdt u verre van alle soort van kwaad.
De God van de vrede,
Hij moge u heiligen, geheel en al.
Heel uw wezen: geest, ziel en lichaam,
moge ongerept bewaard
zijn bij de komst van onze Heer Jezus Christus.
Die u roept is getrouw:
Hij zal zijn woord gestand doen.

Evangelie (Joh. 1,6-8.19-28)
Er trad een mens op, een gezondene van God;
zijn naam was Johannes.
Deze kwam tot getuigenis,
om te getuigen van het Licht,
opdat allen door hem tot geloof zouden komen.
Niet hij was het Licht,
maar hij moest getuigen van het Licht.
Dit dan is het getuigenis van Johannes,
toen de Joden uit Jeruzalem
priesters en levieten naar hem toezonden
om hem te vragen:
“Wie zijt gij?”
Daarop verklaarde hij
zonder enig voorbehoud en met grote stelligheid:
“Ik ben de Messias niet.”
Zij vroegen hem:
“Wat dan?
Zijt gij Elia?”
Hij zei:
“Dat ben ik niet.”
“Zijt gij profeet?”
Hij antwoordde:
“Neen.”
Toen zeiden zij hem:
“Wie zijt gij dan?
Wij moeten toch een antwoord geven
aan degenen, die ons gestuurd hebben.
Wat zegt gij over uzelf?”
Hij sprak:
“Ik ben, zoals de profeet Jesaja het uitdrukt,
de stem van iemand, die roept in de woestijn:
Maak de weg recht voor de Heer!”
De afgezanten waren uit de kring van de Farizeeën.
Zij vroegen hem:
“Wat doopt gij dan
als gij de Messias niet zijt,
noch Elia, noch de profeet?”
Johannes antwoordde hun:
“Ik doop met water,
maar onder u staat Hij, die gij niet kent,
Hij die na mij komt,
ik ben niet waardig de riem van zijn sandalen los te maken.”
Dit gebeurde te Betanië,
aan de overkant van de Jordaan
waar Johannes aan het dopen was.

Gregoriaanse Vespers in de Basiliek iedere zondag om 16.45 uur


Iedere zondag zijn wij benieuwd hoeveel mensen er naar de  Gregoriaans gezongen Vespers in  de basiliek komen. Er is sprake van een voorzichtige positieve ontwikkeling maar wij gunnen het nog veel meer mensen!

De heiliging van de dag door het bidden van de getijden is een oude christelijke traditie die voortbouwt op de Joodse gewoonten. Priesters en religieuzen zijn verplicht dagelijks de getijden te bidden: als zusters levend in clausuur bidden wij namens en ten behoeve van de gehele gelovige gemeenschap. Aangezien er overal ter wereld kloosters zijn, wordt van daaruit  onafgebroken de lof Gods gezongen.

"De mannen en de vrouwen van het godgewijde leven weten dat de eerste plicht van hun leven is de beschouwing van de goddelijke werkelijkheden en de voortdurende vereniging met God. De wezenlijke bijdrage die de Kerk van het godgewijde leven verwacht is veel meer een kwestie van zijn dan van doen", schrijft paus Benedictus XVI in de Apostolische  Exhortatie “Sacramentum caritatis” (2007)

Leken worden naar hun mogelijkheden uitgenodigd zich met het gebed van de priesters en religieuzen te verenigen. In een Basilica minor bestaat de verplichting tenminste op zondag (delen van) de liturgie in het Latijn te bidden inclusief de getijden. Een aantal diakens en priesters heeft toegezegd hieraan mee te willen werken,

Omdat niet iedereen bekend en vertrouwd is met de Gregoriaanse vespers, wordt vooruitlopend op de vespers in de naast de basiliek gelegen Mariakapel om 16.45 uur een korte inleiding gegeven die kan gaan over de betekenis van de Getijden, de gebedsteksten of het Gregoriaans. Soms oefenen we alvast een tekst. Voor iedere deelnemer is er een volledig boekje met muzieknotatie beschikbaar. Na de Vespers bidden we het gebed van de Engel des Heren eveneens in het Latijn, tekst beschikbaar.
Voorafgaand kunnen gebedsintenties worden opgegeven.

Wie meer over Latijn wil weten kan zich aansluiten bij onze cursus die in september weer verder gaat. Tussentijds instappen is mogelijk. Eventueel met bijlessen. zie hiervoor ook onze website www.priorijthabor,nl.


O Sapientia - O-antifoon 17 december

M.-A. Charpentier: O Antiphons (Les Arts Florissants)




Arvo Pärt: Sieben Magnificat - Antiphonen